Natuurpunt werkt, samen met VLACO VZW en ILVO, aan het project ‘Kleinschalig composteren van beheerresten’. Dit project is mogelijk dankzij de steun van het Fonds Duurzaam Afval- en Energiebeheer (beheerd door de Koning Boudewijnstichting).
Het project is gestart op 1 juli 2008 en loopt tot 31 december 2009 en heeft verschillende doelstellingen:
1. Aanbieden van alternatieven voor sterfhopen en verbranden Bij het beheer van de graslanden van Natuurpunt komt jaarlijks naar schatting ca. 32.000 ton vers maaisel vrij. Waar mogelijk wordt dit maaisel verwerkt tot veevoeder. Dit is echter niet altijd mogelijk en vaak wordt het nat maaisel lokaal in het natuurgebied gestapeld op zogenaamde ‘sterfhopen’ met verlies van nutriënten naar bodem en lucht als gevolg.
Daarnaast komt er in de natuurgebieden ook heel wat houtig materiaal vrij dat niet voor constructies of dergelijke kan gebruikt worden. Takkenhopen hebben zeker hun nut als schuilplaats voor dieren en groeiplaats voor paddestoelen, maar soms komt er gewoon te veel hout vrij. Dit wordt soms ter plaatse verbrand.
Het composteren van deze stromen vermijdt enerzijds de nutriëntenverliezen naar de bodem en de lucht en anderzijds de aanzienlijke CO2-uitstoot door verbranding.
2. Ontwikkelen van nieuwe kleinschalige composteerpraktijken Tijdens het project zal kennis opgedaan worden wat betreft de best toe te passen composteerpraktijken.
Het ILVO heeft reeds kennis opgebouwd met boerderijcompostering, onder andere in het vierjarig project FarmCOMPOST. Deze kennis zal toegepast worden op de specifieke situatie van het composteren van beheerresten in twee pilootcomposteringen in Bree en Wingene. Daarnaast wordt een nieuwe manier van stockage in wachthopen, met minimalisatie van nutriëntverliezen ontwikkeld en gedemonstreerd. Door betere opslag van materiaal in de natuurgebieden zal veel puntvervuiling vermeden kunnen worden.
3. Kennisverspreiding van nieuwe kleinschalige composteerpraktijken De ontwikkelde composteerpraktijken zullen verspreid worden, zowel binnen de betrokken organisaties als naar andere belanghebbenden. De pilootcomposteringen in Bree en Wingene worden dan ook opgevat als demonstratiecomposteringen, waarbij op verschillende momenten in het project demonstratiemomenten zullen georganiseerd worden. In september 2008 zijn de eerste demo’s doorgegaan. Er waren in totaal 75 mensen aanwezig, een groot succes dus. Hieronder enkele fotos.
Daarnaast zullen de bevindingen van dit project ook worden verspreid via een eendaags seminarie.
4. Afzet van de compost Het is onze doelstelling om de compost af te zetten bij landbouwers uit de omgeving van de natuurgebieden. Op die manier wordt de lokale kringloop gesloten. Compost biedt vele voordelen voor de landbouw: het zorgt voor een verhoging van het organisch stof gehalte van de bodem wat op zijn beurt zorgt voor minder erosie, betere waterhuishouding, minder uitspoeling van nutriënten etc.
Lees ook