Een primeur voor Natuurpunt: eind juli 2008 kreeg ons centraal secretariaat voor enkele maanden een elektrische wagen in bruikleen van Electrabel. Het gaat om een proefproject. De kleurrijke auto wordt volledig opgeladen via het gewone elektriciteitsnet. In tegenstelling tot hybride wagens, heeft de omgebouwde Renault geen verbrandingsmotor.
Met de test willen Electrabel en Natuurpunt onderzoeken hoe gebruiksvriendelijk een elektrische auto is, en welke voor- en nadelen die heeft. Technisch is het mogelijk om op vrij korte termijn tot massaproductie over te gaan, maar is de markt er ook klaar voor? De voordelen wegen alvast op tegen de nadelen, denken wij. Ook voor de gebruiker.
Waarom nu plots?Onze CO2-uitstoot moet de komende jaren drastisch omlaag. Zo wil de Europese Unie tegen 2020 dertig procent minder CO2-uitstoot, klimaatwetenschappers vragen zelfs 80 procent minder uitstoot tegen 2050.
De industrie boekte de voorbije jaren behoorlijke resultaten om de uitstoot te verminderen, maar gezinnen en de transportsector blijven voorlopig achter. Het is duidelijk: als we de Europese doelstellingen willen halen, moet vooral ons transport dringend milieuvriendelijker worden. En dan komen elektrische wagens in het vizier.
Een wagen doen rijden op elektriciteit is geen probleem: dat kon men meer dan een eeuw geleden ook al. De allereerste auto die ooit de kaap van de 100 km per uur doorbrak, was trouwens een elektrische auto.
PluspuntenElektrische auto’s hebben een aantal belangrijke voordelen. Natuurlijk ligt hun CO2 uitstoot stukken lager dan bij andere auto’s. Productie en onderhoud buiten beschouwing gelaten, stoot een elektrische wagen geen andere CO2 uit dan die die vrijkomt bij de productie van de elektriciteit. In het huidige Belgische productiepark betekent dat 34 gram CO2 per kilometer: de productie van een kWh kost ongeveer 340 g CO2, en de auto gebruikt ongeveer 10 kWh per 100 km.
Wie de batterij oplaadt met groene stroom komt dus theoretisch op 0 gram CO2 uit... Ter vergelijking, de auto’s die nu op de Belgische markt komen stoten gemiddeld 170 gram per km uit.
De elektrische auto scoort ook zeer goed op het vlak van fijn stof en verliest heel wat minder primaire energie. Gewone verbrandingsmotoren halen een rendement van om en bij de 20 procent. Bij elektriciteitsproductie (en transport) ligt dat rendement op 40 à 50 procent.
Het laden van autobatterijen kan bovendien helpen om het aanbod en de afname van elektriciteit beter op elkaar af te stemmen. Vooral op langere termijn is dat niet onbelangrijk. Een van de grote problemen van wind-, zonne- en ook kernenergie is namelijk dat het aanbod niet zomaar kan afgestemd worden op de vraag. Autobatterijen zouden hier een belangrijke bufferfunctie kunnen vervullen. Op het moment dat het hard waait, of als de zon heftig schijnt kan de ‘overtollige’ energie gebruikt worden om batterijen op te laden.
Nadeel? Het voornaamste probleem van elektrische auto’s is de beperkte actieradius. Volledig opgeladen kan de wagen die Natuurpunt in gebruik heeft maximum 160 km aan één stuk afleggen. Zelfs de beste batterijen halen momenteel slechts 500 kilometer. Nadien moet de stekker er onverbiddelijk en voor verschillende uren opnieuw in. Dat is een stuk beter dan tien jaar geleden, maar nog altijd weinig in onze huidige transportsamenleving.
Toch valt ook daar een mouw aan te passen. In het boek ‘hitte’ stelt George Monbiot bijvoorbeeld een systeem van ‘tankstations met batterijen’ voor. Dit model is voorlopig echter toekomstmuziek. Zo weegt de batterij in onze testwagen al 240 kg. Dat is al een forse vermindering ten opzichte van tien jaar geleden, maar blijft loodzwaar.
Een andere oplossing is om de auto uit te rusten met een soort generator. Ook dat is technisch haalbaar.
Voor een goed begrip: 160 kilometer is nog altijd veel meer dan het gros van de dagdagelijks verplaatsingen. Voor een groot deel van de autogebruikers volstaat dit ruimschoots. Voor de uitzonderlijke keren dat er verder gereden moet worden zijn ook systemen van huurauto’s en ‘cambio-oplossingen’ te overwegen.
Haalbaarheid? Als alle betrokkenen meewerken, kunnen elektrische auto’s over 2-3 jaar al op de markt zijn. En dat aan prijzen die nauwelijks verschillen van wat auto’s vandaag kosten.
Omdat mensen gemiddeld om de 4-5 jaar van auto veranderen, kan dit op korte termijn een enorme CO2-besparing betekenen. Op voorwaarde dat de afgedankte wagens definitief uit het verkeer gehaald worden en omgesmeed worden tot elektromobiels, of beter nog, tot treinen en bussen. Als ze aan de andere kant van de wereld gewoon blijven doorrijden, is de winst natuurlijk nihil.
ProefprojectHet is dan ook eigenaardig dat het zolang duurt vooraleer daar iets mee gebeurt. Het is een pak minder verrassend dat Electrabel, als elektriciteitsproducent, nu toch een voorzet geeft. Hopelijk springen de andere actoren mee op de kar.
Electrabel wil vooral weten welke extra diensten zij als energieleverancier kan/moet aanbieden aan klanten die een elektrische wagen aanschaffen. Welke vragen hebben die klanten, en wat is de rol van een energieleverancier in dat verhaal?
Natuurpunt ging graag in op de vraag van Electrabel om de wagen te testen. In de komende maanden zullen verschillende personeelsleden de wagen gebruiken en hun bevindingen noteren.
Topprioriteit
Natuurlijk is de elektrische wagen maar één onderdeel in een totale strategie om het klimaat- en energieprobleem aan te pakken. Besparing blijft topprioriteit nr.1. De groenste kilometer is de kilometer die niet gereden wordt. Fiets en openbaar vervoer blijven de voorkeur genieten. Ook bij Natuurpunt.