Natuurpunt foto

Grote paddentrek barst laat los na winterkou (update 17 maart)

Mechelen, 14 maart 2011 | De aanhoudende winter hield amfibieën lang in winterslaap. Sinds zaterdag 12 maart kwam daar verandering in. Met maxima van 18 °C, geen nachtvorst en beetje neerslag, waren de trekomstandigheden gunstig. Padden, kikkers en salamanders ontwaakten massaal en de grote paddentrek is begonnen!

Op de website van de Hylawerkgroep kan je de overzetacties dagelijks volgen. Op 12 en 14 maart werden er bijna 6.000 amfibieën geteld, op 13 maart bijna 10.000! Vooral gewone pad, bruine kikker en kleine watersalamander werden veilig overgebracht. Spijtig genoeg worden er ook op de overzetplaatsen nog amfibieën overreden, snelheid matigen is belangrijk.

Hier zie je een leuke reportage op KETNET (VRT). 

Amfibieën brengen de winter meestal door aan land, verstopt onder bladeren, een houtmijt of ingegraven in een ondergronds holte. In het voorjaar ontwaken ze en gaan ze op pad naar hun voortplantingspoel. Doel: een partner zoeken en eitjes afzetten. Door het dichte Vlaamse wegennet, moeten veel amfibieën tijdens die tocht een weg oversteken. Vaak eindigt zo’n tocht ‘op weg naar nieuw leven’ in een platte dood.

Paddenoverzetacties
Natuurpunt coördineert jaarlijks in heel Vlaanderen paddenoverzetacties. Langs de trekroutes worden schermen geplaatst die de amfibieën naar ingegraven emmers leiden. Vrijwilligers controleren die ‘paddenvallen’ dagelijks en zetten alle amfibieën veilig over naar de andere kant van de straat. In 2010 werden in 79 Vlaamse steden en gemeenten 152 overzetacties georganiseerd, goed voor 141.841 amfibieën die levend de weg werden overgezet. Het gaat vooral om gewone pad (83%), bruine kikker (9%) en alpenwatersalamander (3%). Maar ook zeldzame soorten als rugstreeppad, heikikker, kamsalamander en vuursalamander worden soms in de emmers aangetroffen. Toch noteerden vrijwilligers vorig jaar nog 9.436 verkeersslachtoffers. Dit is slechts het topje van de ijsberg. Op heel wat trekroutes is er immers geen ‘padden rescue team’ actief en het werkelijke aantal verkeersslachtoffers ligt dus vaak aanzienlijk hoger.

Graag traag
Door de relatief koude wintermaanden komt de trek in 2011 pas laat op gang. Doorgaans bouwt de paddentrek langzaam op met een trage start midden tot eind februari om te pieken in de eerste of tweede week van maart. Dit jaar was er nauwelijks zo’n aanloopfase en breekt de paddentrek plots in alle geweld los. Nachten met honderden amfibieën per locatie, zullen de volgende dagen geen uitzondering zijn. Amfibieën zijn vooral schemerdieren. De trek vat aan rond 19:00 en stopt rond middernacht. Natuurpunt roept automobilisten op om aandacht te hebben voor de paddentrek en hun snelheid te minderen tot 30 km/u op de aangegeven plaatsen.

Paddencrash gekenterd na drie koude winters
Natuurpunt stelde in het voorjaar van 2007 vast dat in Vlaanderen het aantal padden op alle overzetplaatsen plots met ca. 40% was afgenomen. ‘De zomer en herfst 2006 waren extreem warm en droog. Dan gaan padden in een soort droogterust: ze jagen weinig, eten nauwelijks en bouwen hun vetreserves eerder af dan op’ zegt Dominique Verbelen van Natuurpunt. ‘Nadien volgde een recordwarme winter: de gemiddelde temperatuur bedroeg 6,6 °C, het hoogste wintergemiddelde ooit sinds de start van de meteorologische waarnemingen in België. Padden raakten niet echt in diepe winterrust, de beperkte vetvoorraad werd al snel opgebruikt en vele haalden het voorjaar niet’ vervolgt Verbelen. Een toevallige opeenvolging van extreme weerperiodes, gelinkt aan klimaatopwarming, zou dus de hoofdoorzaak kunnen zijn van de forse terugval van het aantal padden.

De volgende twee jaar bleef die 40% padden die in 2007 verdween, zoek. Maar in het voorjaar van 2010 werd een opmerkelijke stijging van de paddenaantallen vastgesteld. Verklaring: de padden die in 2007 werden geboren, waren nu geslachtsrijp en namen voor het eerst deel aan de grote paddentrek. Doordat de winters van 2007-2008 en 2008-2009 normale temperaturen kenden, is het gros van ‘de lichting van 2007’ deze winters goed doorgekomen. ‘Na de paddencrash van 2007 ziet het er naar uit dat de populatie zich herstelt. Op basis van de resultaten van 2010, tekent zich een stijging af van ruim 30% t.o.v. 2009’ zegt Verbelen. De crash van 2007 lijkt daarmee voor de helft weggewerkt. Dit toont aan dat bij normale klimatologische omstandigheden een aantal soorten zich snel kan herpakken. ‘Dit is echter geen reden tot euforie’ zegt Verbelen. ‘Warme winters lijken de laatste jaren immers steeds vaker voor te komen. Natuurpunt wil met een paddenindex dan ook nauwgezet opvolgen wat de impact hiervan is op onze paddenpopulaties’. Deze paddenindex wordt jaarlijks berekend op basis van de resultaten van een veertigtal grote overzetacties die al jaren op een gestandaardiseerde manier worden uitgevoerd. De voorbije winter was redelijk normaal (een koude decembermaand, gevolgd door normale gemiddelden in januari en februari) waardoor wordt verwacht dat het herstel van de Vlaamse paddenpopulatie zich ook in 2011 verder kan doorzetten.