Rond 10 oktober kwamen via ‘Kranichschutz Deutschland’ de eerste meldingen binnen van zieke en dode kraanvogels. Na onderzoek bleken die vogels besmet met het vogelgriepvirus, meer bepaald met het type H5N1, een hoog pathogene vorm (zeer besmettelijk, zeer ziekmakend en vaak leidend tot de dood). Een besmette vogel vertoont al na enkele uren de eerste symptomen en is meestal binnen de 3 dagen dood. Het virus tast de ademhalingswegen, het spijsverteringsstelsel en het zenuwstelsel aan. Besmette vogels maken daarom ook vaak rare, ongecontroleerde bewegingen met de kop. Ze trekken zich terug in waterpartijen omdat ze zich daar veiliger voelen voor roofdieren. De vogels verzwakken enorm en sterven vaak door verdrinking omdat ze te zwak zijn om hun hoofd uit het water of de modder te houden. In uitwerpselen (mest) kan het virus gedurende 45 dagen overleven bij ongeveer 4°C. Als de temperatuur stijgt naar 37°C lukt dat nog 2 tot 6 dagen.
Uitbraak nabij Berlijn
Er is nog geen officiële bevestiging maar de oorzaak van deze ellende zou terug te vinden zijn op een besmette kippenkwekerij in de buurt van Linum in de Duitse deelstaat Brandenburg, op zo’n 30 km ten noordwesten van Berlijn en dit via besmette mest van deze kwekerij die in de regio verspreid en ingewerkt werd op de akkers. Als je weet dat in de omgeving van Linum tienduizenden kraanvogels verzamelen tijdens de najaarstrek, dan heb je de ideale omstandigheden voor een massieve uitbraak van het virus onder de kraanvogelpopulatie. Die vrees werd ook bewaarheid: na een paar dagen werden er heel veel zieke en dode vogels gemeld. Door onderzoek van geringde en gezenderde kranen weten we ook nog dat er tijdens deze periode verplaatsingen vanuit de regio Brandenburg naar Noord-Duitsland (Vorpommeren/Rügen) gebeuren, en van daaruit ook richting Nedersaksen met de gekende verzamelplaats Diepholz. Een verspreiding over gans Duitsland was dus slechts een kwestie van tijd.
Verdere verspreiding
Nog meer pech want een paar dagen na de uitbraak op 18 oktober, waren de trekcondities voor de kranen ideaal, waardoor een paar tienduizenden kraanvogels in een eerste migratiegolf van over gans Duitsland richting Lac du Der vertrok, en van daaruit verder vloog richting Centraal- en Zuid-Frankrijk en Spanje. Dat was een extra tegenslag, want zo voltrok zich het slechtst mogelijke scenario. Al enkele dagen na die migratiegolf werden de eerste zieke en dode vogels gemeld aan Lac du Der. Niet veel later volgde hetzelfde scenario in Centraal- en Zuid-Frankrijk, waarna ook de eerste slachtoffers in Spanje gemeld werden. Het virus heeft zich dus razendsnel kunnen verspreiden over de hele West-Europese migratieroute en is dus al meegereisd tot in de overwinteringsgebieden.
Aantal slachtoffers
Op dit moment is de chaos in kraanvogelland compleet. Het is moeilijk om een overzicht te krijgen van het totaal aantal slachtoffers per regio. Een paar cijfers van enkele stop- en rustplaatsen op de migratie-as: in de regio van Lac du Der is het aantal dode kraanvogels ondertussen opgelopen tot minstens 10.000 (info van 7 november); in Duitsland wordt het aantal dode kraanvogels geschat op 20.000 (info van 7 november); in Spanje spreken we voor Gallocanta en La Sotonera samen over minstens 1100 slachtoffers. Ook in andere regio’s zoals Centraal-Frankrijk (La Brenne, …), Zuidwest-Frankrijk (Arjuzanx, …) wordt melding gemaakt van duizenden slachtoffers.
Prognose
Een eerste voorzichtige schatting doet ‘hopen’ dat er in het allerbeste geval ca. 55.000 kraanvogels zullen sterven, maar in het slechtste geval kan dat oplopen tot 120.000 vogels. Er is wat discussie over de grootte van de populatie die migreert via de West-Europese migratie-as, maar die wordt geschat op een 300.000 tot 350.000 vogels. In het ergste geval spreken we dus over 30 tot 40% van de West-Europese winterpopulatie die verloren zou gaan. Dit is uiteraard slechts een eerste prognose bij de start van deze epidemie. Afhankelijk van hoe snel het virus nog verder uitbreidt, zullen deze cijfers nog moeten worden bijgesteld. Pas wanneer het virus is uitgedoofd, zullen we de uiteindelijke impact op de kraanvogelpopulatie kunnen inschatten. De tellingen in de overwinteringsgebieden en de tellingen tijdens de migratie in het voorjaar zullen daarbij een heel belangrijk hulpmiddel vormen.
Verzwakte of dode kraanvogel gevonden?
Het is zeer belangrijk dat kadavers zo snel mogelijk verwijderd worden om te beletten dat het virus zich verder verspreidt, want inderdaad: de besmetting blijft niet beperkt tot kraanvogels. Zo werden bijvoorbeeld ook al dode knobbelzwanen, ooievaars en grote zilverreigers gevonden op plaatsen waar ze samen met kraanvogels voorkomen. In Vlaanderen wordt ondertussen hier en daar ook melding gemaakt van zieke eenden en ganzen. Als kadavers niet snel geruimd worden, kan het virus verder overgedragen worden op roofvogels (buizerds, wouwen, zeearenden, ...) en zelfs op zoogdieren (vossen, katten, ...), al is dat eerder de uitzondering.
Na de laatste migratiegolf van vorige week zijn er ook in België verschillende zieke en dode kraanvogels gevonden. Als je zelf een verzwakte, zieke of dode kraanvogel (of andere soort) zou vinden, vermijd dan direct contact met de vogel en houd ook ruime afstand. Zo vermijd je dat het virus zich verder verspreid, want ook de omgeving rond de besmette vogel zal reeds gecontamineerd zijn.
Contacteer de bevoegde instanties. Voor Vlaanderen is dat het FAVV (0800-99777) en in Wallonië het SPW via het noodnummer 1718.
Zij zorgen ervoor dat de vogel veilig wordt weggehaald.
Tekst: Gert Vandezande (European Crane Migration Network)
Ontvang nieuws over onze natuur en activiteiten rechtstreeks in je mailbox.
Abonneer je op onze nieuwsbrief