In België stond de grijze wouw lange tijd gecatalogeerd als een zeer zeldzame dwaalgast. De eerste waarneming dateert uit 1992 en daarna duurde het tot 2005 voor de soort opnieuw in ons land werd gezien. Vanaf 2012 zijn er jaarlijks waarnemingen, met bijna elk jaar meer meldingen dan het jaar ervoor. Dit jaar lijkt de soort nog een versnelling hoger te schakelen, en is het aantal exemplaren niet meer bij te houden. In 2025 werd de soort al in 71 gemeentes gezien, goed voor meer dan 500 waarnemingen op www.waarnemingen.be!
De opmars van de grijze wouw in België is geen alleenstaand feit: ook elders in (West)-Europa neemt het aantal waarnemingen snel toe, wellicht in de eerste plaats als gevolg van de klimaatopwarming en de daarmee gepaard gaande veranderingen in het landschap. Het eerste bekende Europese broedgeval vond pas plaats in Portugal in 1963. Sindsdien nam de soort op het Iberisch schiereiland sterk toe, met ondertussen een populatie van meer dan 1.000 broedparen. Frankrijk werd vanaf de jaren ‘90 veroverd, ondertussen is de soort ook daar al wijd verspreid. Zo was er in 2017 zelfs een broedgeval in Noord-Frankrijk, op minder dan 20 kilometer van de Belgische grens. Tekenend voor de uitbreiding van de soort is ook de eerste waarneming in het Verenigd Koninkrijk in 2023 (gevolgd door een tweede exemplaar dit jaar).
Wanneer broedvogel in België?
Een broedgeval blijft voorlopig uit, in de nazomer van 2020 was er wel enkele dagen een baltsend paar aanwezig in de provincie Luik, maar verder dan paren en nestbouw kwamen deze vogels niet. Gezien de sterke toename van het aantal waarnemingen, waarbij sommige exemplaren ook langdurig in een gebied aanwezig blijven, lijkt het echter slechts een kwestie van tijd vooraleer deze kleine roofvogel zich ook hier als broedvogel zal vestigen. Dit jaar waren er voor het eerst geslaagde broedgevallen in Hongarije en in Denemarken en was er ook minstens nestbouw van een paartje in het noorden van Duitsland.
Overwinteren doet de soort in Europa, waarbij ze buiten het broedseizoen wel kunnen gaan rondzwerven op zoek naar plaatsen met een voldoende groot voedselaanbod. We kunnen de grijze wouw hier dus jaarrond verwachten, al zien we duidelijke waarnemingspieken in april en oktober. Vaak gaat het dan om vogels die overvliegend aan een trektelpost worden opgepikt. De kans dat eenzelfde exemplaar van zo’n typische soort op verschillende plaatsen gezien wordt en dubbelmeldingen creëert, is natuurlijk groot. Maar op basis van leeftijd en verenkleed zien we alvast dat er meerdere exemplaren het land doorkruisen.
Herkenning
De grijze wouw is gemakkelijk te herkennen, en is ongeveer even groot als een torenvalk. Hij is overwegend licht blauwgrijs met een opvallende witte onderzijde. De schouders en vleugelpunten zijn zwart, wat sterk contrasteert met de rest van het uiterlijk. Van dichtbij kan je ook het bloedrode oog en zwart ‘masker’ zien. Zijn luchtige vliegwijze met schuin opgeheven vleugels creëert zowat het effect van een ‘papieren vliegertje’. Alles bijeen geeft het de soort een bijzonder fotogenieke verschijning.
De soort is vooral te vinden in open landbouwgebieden en graslanden, maar belangrijk is de aanwezigheid van verspreide uitkijkposten. Echt jagen doet hij vliegend, waarbij hij soms ook ‘bidt’ zoals een torenvalk. Dat, samen met het geringe formaat, kan je dus eerder aan een valk dan aan een wouw doen denken. Op het menu staan vooral kleine knaagdieren, maar ook zangvogels, reptielen en grote insecten.
Zie je zelf een grijze wouw, geef die dan zeker door (liefst met foto) via www.waarnemingen.be, wie weet ontdek je op die manier wel een nieuwe broedvogel voor België!
Tekst: Simon Feys (Natuurpunt Studie)
Ontvang nieuws over onze natuur en activiteiten rechtstreeks in je mailbox.
Abonneer je op onze nieuwsbrief