Meer dan twee miljoen insecten gemeld
Twee miljoen is een enorm aantal. Dat er zo’n massa gemeld zijn, betekent niet meteen dat het alle insecten in Vlaanderen voor de wind gaat. Om het getal goed te interpreteren, moet je rekening houden met een aantal elementen. Vorig jaar was misschien wel een somber en nat jaar: voor veel insectensoorten waren de omstandigheden om zich voort te planten niet zo slecht. De waardplanten waarop ze eitjes leggen en waarvan de larven eten, groeiden goed. Dat was een verademing na de droogtes van de voorgaande jaren. De effecten van een geslaagde voortplanting werken ook dit jaar nog door. De hogere aantallen die nu gemeld zijn, zijn dus deels te verklaren door de omstandigheden van vorig jaar.
De zomer van 2025 is veel zonniger en droger dan die van vorig jaar. Dat zorgt ervoor dat de vliegomstandigheden goed zijn: veel insecten zijn bij mooi weer veel actiever. Ze kunnen gemakkelijker op zoek naar een partner of een nieuw leefgebied. Bij mooi weer zijn ook mensen actiever: die trekken de natuur in, en zien (én registreren) dus ook meer insecten. Er speelt dus ook een ‘waarnemerseffect’: een hoger aantal deelnemers aan de Insectenzomer leidt ook tot een hoger aantal meldingen (wat niet noodzakelijk een toename van het reële aantal insecten betekent). Vorig jaar was voor heel wat insectensoorten een dieptepunt, met een heel laag aantal meldingen. Het kan dus ook dat er eigenlijk wel meer waren, maar dat die insecten minder actief waren (evenals de mensen, die bij regenweer binnen bleven) en dus niet werden waargenomen.
Droogte is nefast
Het warme en vooral droge weer heeft ook een keerzijde: de vliegomstandigheden mogen dan wel goed zijn, de omstandigheden om zich voort te planten zijn dat niet. Veel waardplanten staan te verdorren. Bloemen produceren door droogtestress geen of minder nectar. De gevolgen van die slechte voortplantingsomstandigheden kunnen we wellicht pas volgend jaar goed inschatten. Maar uit het verleden is al gebleken dat droge en hete zomers doorgaans gevolgd worden door slechte (vlinder)jaren. Het ene insect is al gevoeliger voor droogte dan het andere. Het koevinkje is een dagvlinder die al jaren in een sukkelstraatje zit door de verschillende droogtes (vanaf 2018). De soort wist zelfs amper te profiteren van het nattere 2024.
Voor enkele soorten zien we nu al negatieve effecten. Brandnetels staan te verdorren, waardoor de netelgebonden vlinders momenteel op een dieptepunt zitten. Zo zijn de aantallen van dagpauwoog en atalanta nu bedroevend laag. Opvallend, omdat de dagpauwoog in april dit jaar net bovengemiddeld goed vertegenwoordigd was.
Gelukkig zijn er ook insecten die dit jaar een normaal of zelfs goed jaar hebben. De kleine vuurvlinder lijkt zich hersteld te hebben na het rampjaar 2024 en voor sommige zuiderse gasten worden records gebroken. Nooit werden meer staartblauwtjes in Vlaanderen gezien dan dit jaar.
De voorbije jaren was de periode eind augustus-begin september doorgaans goed voor een mooie vlinderpiek. Afwachten of we die dit jaar nog gaan zien.
Nog 10 dagen Insectenzomer
Er zijn al twee miljoen insecten geappt tijdens de Insectenzomer van Natuurpunt door 47.379 waarnemers. Meedoen kan nog tot en met 31 augustus. Daarna volgt een rapport met de opvallendste resultaten.
Ontvang nieuws over onze natuur en activiteiten rechtstreeks in je mailbox.
Abonneer je op onze nieuwsbrief