Beekprik en modderkruiper

Laatste update: 31/03/2014

Er zwemmen twee héél bijzondere vissoorten in de Grote Nete: de beekprik en de kleine modderkruiper. Voor beide vissoorten is de Grote Nete één van de belangrijkste leefgebieden in Vlaanderen.

De beekprik is een moeilijke vis, hij woont alleen op de mooiste plaatsjes. Daarnaast is hij ook geen gewone vis maar een rondbek. Zijn eerste zes levensjaren slijt hij als een blinde larve in de beekbodem, waar hij algen en wieren eet. Eénmaal als larve volgroeid, ondergaat hij een metamorfose tot volwassen prik. Het resultaat is een bizarre naaldvormige zwemmer ook wel zevenoog genaamd.

Zoals zijn naam al aangeeft, verschuilt de kleine modderkruiper zich overdag in de modder. s’ Nachts gaat hij op zoek naar eten dat hij kan lokaliseren door middel van zes gevoelige tastdraden.

Omwille van de hoge eisen die beide vissoorten aan hun leefomgeving stellen, zijn ze in Vlaanderen, maar ook elders in Europa, zeer zeldzaam geworden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de Europese Commissie hun leefgebieden extra beschermde door ze aan te duiden als Europees Habitatrichtlijn-gebied.

Boomleeuwerik en nachtzwaluw

Boomleeuwerik en nachtzwaluw, worden verwacht op de nieuw te ontwikkelen heideterreinen nabij Bel. Beide soorten houden van open en zandige gebieden met plaatselijk enkele kleine boompjes. De nachtzwaluw is ’s avonds en ’s nachts actief en jaagt op allerlei insecten die met een wijd opengesperde bek uit de lucht worden geplukt. De boomleeuwerik houd van grote open heideterreinen met schaarse begroeiing.

Blauwborst

In de natte sferen is de blauwborst een graag geziene gast. Door de ontwikkeling van mozaïeken van broekbos en open vegetaties wordt een ideaal habitat voor de blauwborst gecreëerd.

TOP